Copyright information:R.B.
Choreographer Jérôme Bel was introduced to dancer and choreographer Pichet Klunchun in Bangkok in 2004. Klunchun is one of the best masters of Khon in Thailand. Bel had only a vague idea of what this tradition involved at that time and Klunchun knew nothing about Bel’s own work. Pichet Klunchun and myself is an account of how Bel and Klunchun got to know each other. On the stage stand two artists with completely different cultural and artistic backgrounds. They are linked by a sensitivity to society, a great feeling for humour and an unbelievably open and curious approach to life.
dates
Sun June 10 2007
Mon June 11 2007
information
-
English
-
(zonder pauze)
In september 2004 nodigde de Singaporese curator Tang Fu Kuen mij uit om in Bangkok een project te komen leiden. Een tijdje twijfelde ik of ik de uitnodiging moest aannemen of niet, maar uiteindelijk stelde ik hem een ontmoetingsproject met een traditionele Thai-danser voor. Mijn inderdaad grote belangstelling voor de kunsttraditie van het Verre Oosten, zowel voor de dans als voor het theater, is begonnen met de Kabuki-voorstelling die ik in 1989 in Tokio bijwoonde en die voor mij een overweldigende ervaring was. Soortgelijke gevoelens roept traditionele Indiase dans bij mij op, of de parade van het Carnaval van Rio de Janeiro. Voor de bewuste ontmoeting in Bangkok had Tang Fu Kuen danser en choreograaf Pichet Klunchun benaderd, en in december van datzelfde jaar vond de bewuste ontmoeting plaats. We maakten kennis, zonder dat we beiden enig idee hadden over wat er uit onze ontmoeting zou kunnen voortkomen. Ik had alleen wat vragen voorbereid die ik aan deze danser wilde stellen. Persoonlijk had ik niet meer dan een vaag idee van wat traditionele Thaise dans was, en Pichet Klunchun kende mijn werk evenmin. De omstandigheden van onze ontmoeting bepaalden de aard en de vorm van de uiteindelijke voorstelling. Ik had een jet lag, maar was niettemin gefascineerd door de stad Bangkok en zijn inwoners, door de monsterachtige verkeersopstoppingen waardoor repetities uitvielen, en door de hele context van het Bangkok Fringe Festival waar het stuk in première zou gaan. Dit alles was voor ons aanleiding het publiek een soort theatraal verslag van onze ervaringen te presenteren. En zo kwam het dat we een theatrale en choreografische documentaire van onze beider werkelijkheden hebben gemaakt. In het stuk worden twee kunstenaars tegenover elkaar geplaatst die niets van elkaar weten, die in esthetisch opzicht zeer verschillend werken en die, ondanks de cultuurkloof die hen scheidt, beiden proberen meer van de ander te weten te komen, en vooral over hun wederzijdse artistieke werk. Enkele problematische noties als het euro‑centrisme, het interculturalisme of de culturele mondialisering passeren de revue. Deze noties liggen weliswaar gevoelig, maar kunnen niet genegeerd worden. Het historische moment staat niet toe dat ze worden overgeslagen.
- Jérôme Bel, Seoel, 1 juni 2005
-
R.B.