Ga naar de hoofdcontent

Archief 1966

Met zes opera's was het een rijk jaar voor de liefhebbers. Twee voorstellingen werden door het festival zelf geproduceerd onder de naam Holland Festival Opera: Le Pescatrici en I Capuleti e i Montecchi. Benjamin Britten keerder terug met zijn eigen The Burning Fiery Furnace uitgevoerd door The English Opera Group. De Nederlandse Operastichting tot slot kwam met een all star wereldpremière van Labyrint: muziek van Peter Schat, libretto van Lodewijk de Boer, choreografie van Koert Stuyf en Reinbert de Leeuw als een van de solisten. 


Op theatergebied was opmerkelijk dat De standvastige prins werd opgevoerd door de Poolse theatervernieuwer Jerzy Grotowski en zijn Theaterlaboratorium '13 rijen' Wroclaw. Ook uit Polen kwam Het leven van Jozef, gespeeld door het Pools Nationaal Theater. Uit Frankrijk kwam de man die bijna synoniem is aan mime, Marcel Marceau.  


De klassieke balletten Giselle en Petrouschka waren in de RAI te zien, waar het Nationale Ballet samen danste met solisten van het Russische Kirov Ballet. Daarnaast stonden ze met werk van Balanchine in de Amsterdamse schouwburg, waar ook NDT en Paul Taylor hun opwachting maakten. 


En drie grote namen uit de Japanse film waren met een speciaal programma in het Amterdamse, door studenten gerunde, Kriterion: Kenji Mizoguchi, Hiroshi Teshigahara, Yasujiro Ozu. 

Muziek