Ga naar de hoofdcontent

Archief 1968

Het was in 1968 bijna een traditie dat Benjamin Britten zijn eigen opera's dirigeerde tijdens het festival. Dat jaar was het The Prodigal Son, dat hij krap een maand na de wereldpremière met The English Opera Group uitvoerde in de Haagse Grote Kerk. Componist en dirigent Pierre Boulez dirigeerde werk van drie andere grote moderne compinsten: Webern, Berg en Schönberg. En Karlheinz Stockhousen dirigeerde zijn kersverse, op volksliederen geënte Hymnen, waarvan het eerste deel dan weer opgedragen is aan Boulez.  


‘Dag en Nacht en een avond bij het Holland Festival’ van Cabaret Pepijn met o.a. Paul van Vliet en Liselore Gerritsen was zo'n succes dat het gezelschap besloot om nog een weekje in de Kleine Komedie te blijven. 


Er was toneel uit 5 landen (VS, Frankrijk, Engeland en Oostenrijk), van Brederode en Goethe tot Buddingh en Lodewijk de Boer. Ook de dansprogrammering was divers en internationaal met opnieuw het Alvin Ailey American Dance Theatre en voor het eerst Batsheva Dance Company. 

Muziek