Ga naar de hoofdcontent
interview met Ali Chahrour  (When I Saw the Sea)

Lea Skyem

interview met Ali Chahrour (When I Saw the Sea)

Interview met Ali Chahrour door Moïra Dalant (januari 2025)

Vertaald door Margriet Agricola

'When I Saw the Sea is een politiek statement dat het kafala-systeem in Libanon aankaart. Kun je meer vertellen over dit systeem van uitbuiting, dat veel weg heeft van slavernij?

De leefomstandigheden van arbeidsmigranten, en dan met name bij huishoudelijk personeel, worden volledig bepaald door het kafala-systeem, dat hen onderwerpt aan een reeks beperkende regels. In wezen tekenen zij een contract dat hen afhankelijk maakt van een kafil: iemand, vaak de werkgever, die verantwoordelijk voor ze is. In de praktijk maakt dit systeem een vorm van hedendaagse slavernij mogelijk. Zo’n contract verbiedt ze om een telefoon te gebruiken, vriendschappen of liefdesrelaties aan te gaan, een seksleven te hebben of een vrije dag te nemen. Ook worden paspoorten ingenomen. Toezicht vanuit het ministerie van Arbeid ontbreekt, waardoor de rechten van deze arbeidsmigranten niet beschermd zijn. Het zijn vooral vrouwen die naar Libanon komen om hun familie thuis te kunnen onderhouden die hiermee te maken hebben. Ze belanden vaak in nachtmerrieachtige situaties vol geweld en repressie, krijgen te maken met racisme, discriminatie en grof geweld, waaronder verkrachting en moord. Misdrijven tegen arbeidsmigranten worden zelden door rechters of de Libanese overheid onderzocht of bestraft.

 

Hoe is het idee voor dit project ontstaan?

When I Saw the Sea is een project waar ik al bijna tien jaar mee rondloop. Toen er in september 2024 in Libanon oorlog uitbrak, vond ik dat het juiste moment om het te doen; het conflict heeft dit systeem namelijk nóg catastrofaler gemaakt. Als ik een arbeidsmigrant op straat zie, vraag ik me altijd af wat ze doormaakt. Persoonlijk raakt het me extra omdat mijn broer, mijn zus en veel andere familieleden zelf ook als arbeidsmigrant naar Europa zijn gekomen. Net als deze vrouwen zijn zij hier om geld te verdienen, te overleven en onze familie in Libanon te ondersteunen. Ik vraag me vaak af hoe ik me zou voelen als zij in zo’n situatie terecht zouden komen.

 

Op het podium werk ik met drie vrouwen die aan dit systeem zijn ontkomen en die het verhaal van een complete gemeenschap vertellen. Hun verhalen en al het materiaal dat we verzameld hebben, vormt de basis voor de voorstelling. Deze drie vrouwen dragen de stemmen van vele anderen in zich; het stuk is een ode aan hun veerkracht. Naast hen staan er op het podium twee muzikanten uit Syrië en Libanon die liederen spelen over de zee en het land, zowel Arabische als Ethiopische. Met hun woorden en hun zang eisen de vrouwen gerechtigheid. Voor hen is het de eerste keer dat ze op het podium staan: de repetities, de voorbereiding op de buitenlandse tournee... het is allemaal nieuw. Een van hen werkt nog steeds bij mensen thuis als huishoudster. We doen ons best om hun vertrek goed te organiseren. Het is belangrijk dat hun stemmen worden gehoord. Deze vrouwen zijn zo ver van huis, terwijl hun geliefden zijn achtergebleven.

 

Hoe kwam je met ze in contact, aangezien Libanon sinds eind 2024 geteisterd wordt door oorlog?

Middenin de oorlog werden veel huishoudhulpen uit landen als Sierra Leone, Kameroen, Senegal en Ethiopië in de steek gelaten door hun Libanese werkgevers, die zelf naar Europa of Dubai vluchtten. Ze belandden op straat, op de Corniche van Beiroet aan de kust, of werden in huizen opgesloten zonder paspoort, geld of eten. Sommigen kwamen om bij de bombardementen. In ziekenhuizen liggen er nog steeds lichamen te wachten op donaties, zodat ze kunnen worden begraven of teruggestuurd naar hun familie. We weten zo weinig, nooit horen we de verhalen van deze mensen. Daarom zijn we deze vrouwen gaan opzoeken, om naar hun verhalen te luisteren en te kijken hoe we ze konden helpen en ondersteunen. Ondanks de vele onderbrekingen door bombardementen waren mijn team en ik het erover eens dat kunst – dans, muziek en theater – ons enige middel is om ons te verzetten. We wilden niet thuis naar het nieuws zitten kijken terwijl onze huizen werden platgebombardeerd. Dankzij verschillende ngo's en wederzijdse hulpnetwerken voor migranten konden we informatie, getuigenissen en persoonlijke verhalen verzamelen. We wilden met een grote groep werken, maar er waren veel logistieke uitdagingen en onverwachte complicaties: sommigen beschikten niet over de juiste reisdocumenten, anderen vonden een manier om terug naar huis te keren, en weer anderen besloten in Libanon te blijven om het kafala-systeem van binnenuit te bestrijden, omdat ze daar familie hadden en inmiddels activist waren geworden.

 

Hoe gingen de repetities?

Het repetitieproces was heel organisch. We luisterden naar hun verhalen, maar ook naar hun lichamen: hoe ze bewegen en wat ze daarmee uitdrukken. De persoonlijke verhalen van de drie deelneemsters komen samen in hun strijd tegen het kafala-systeem en het feit dat ze er aan wisten te ontsnappen. Waar ze eerst slachtoffer waren, zijn het nu heldinnen. Ze ontvluchtten het huis van de kafil en creëerden hun eigen leven. Ze helpen en ondersteunen hun gemeenschap. Hun verhalen zijn heftig en inspirerend. In de voorstelling zetten we alles in om deze verhalen te ondersteunen. We maken geen strikt onderscheid tussen dans, muziek of theater. Als er verteld moet worden, spreken ze. Als er live muziek nodig is, is er muziek en zang. De kracht ligt bovenal bij de lichamen, de geluiden en de stemmen. In mijn choreografische benadering kan een simpele beweging heel veel zeggen of samenvatten.

 

Er is een link tussen When I Saw the Sea en je eerdere voorstellingen, die vaak over persoonlijke verhalen gingen...

Ja, ik begin altijd bij iets persoonlijks, iets wat ik in me draag, of het nu emoties zijn, een redenering of een ethisch standpunt. Eerlijk gezegd kun je, als je in Libanon woont, geen langetermijnplannen maken voor de toekomst. Ik droom geen twee jaar vooruit. Ik creëer op basis van wat ik op dat moment voel. Ik kan niet werken binnen, of me aanpassen aan, een vooraf vastgesteld productiesysteem. Voor mij is het maken van kunst, theater of dans een daad van vrijheid. En die mag op geen enkele manier beperkt worden. Daarom zijn ook de meeste voorstellingen die ik maakte, gebaseerd op mijn familie, de mensen om me heen of de context waarin ik leef. Dat maakt het politiek. Ik vertel graag de kleine, verborgen verhalen die je vindt in de huizen en straten van Beiroet. Via deze intieme verhalen van families, moeders en werkende vrouwen kunnen we de politieke en sociale context bevragen. Je moet deze verborgen verhalen de tijd geven, en door ze te vertellen kunnen we nieuwe heroïsche figuren voor de hedendaagse samenleving creëren. Voor mij is dat het verhaal van Leïla die zingt over haar doden in Leïla se meurt (gepresenteerd in Avignon in 2016), de liefde en het werk van de moeder in Du temps où ma mère racontait (in Avignon in 2022), en nu het verhaal van deze vrouwen die de nachtmerrie van duizenden lotgenoten vertolken.

 

Waarom de titel When I Saw the Sea?

Het onafhankelijke persplatform Megaphone maakte in deze periode een video waarin een groep vrouwen werd geïnterviewd die op de Corniche van Beiroet aan hun lot waren overgelaten, met voor zich de zee, maar zonder papieren, geld of wat dan ook. Een van die vrouwen, uit Sierra Leone, glimlachte nog. "Het is de eerste keer dat ik hier in Libanon de zee zie, en de horizon," zei ze. Ik was diep geraakt door die vrouw en ik wilde de titel aan haar opdragen.'

 

When I Saw the Sea
Ali Chahrour
10-14 juni, 2026
Theater Bellevue